Jacobus Q. Smink


NIETS GEZEGD

Nu bouwen ze een fabriek op dit stee
Waar ze zware ovens maken
Die vuile taal verstoken,
Fijne tralies smeden, ik zeg niets

En schrijf ik rijkelijk laat gedwee
Over hoe stalen tongen smaken
Het vuur zal de mijne koken,
In de vlammen dulden, ik zeg niets

En stel vast dat de spaken mij
De mond bespannen, dat het
Een slot is, dat op de lippen zit

En zal nooit er een woord van mij
Over mogen uitflappen, ik zwijg dat het
Een lust is, over wat opgesloten zit

*

(Vertaling: Abe de Vries)